| De
Karper
Karper,
ook schubkarper of boerenkarper, de algemene zoetwatervis
gekenmerkt
door o.a. vier voeldraden bij de bek, een lange rugvin met
ca. 25 vinstralen en een geelbruine kleur. De karper wordt
75-120 cm lang en voedt zich met plankton, kleine bodemorganismen
(wormen, muggenlarven, enz.) en planten. De wijfjes bereiken
meestal geslachtsrijpheid na vier jaar, de mannetjes na drie
jaar. De paaitijd (zie paaien) valt in mei-juni, doch van
het broed komt in ons koude klimaat meestal niet veel terecht. |